Heeft u vragen? Wij zijn telefonisch bereikbaar op 030 262 45 94
Ons kantoor is open van ma t/m vrij tussen 08:00 en 17:00 uur
b+p Belastingadviseurs - 02/03/2026 - Juridisch

Geen arbeidsovereenkomst tussen ex-echtgenoten

Juridisch

Als twee echtgenoten gaan scheiden komt het tot een geschil over de vraag of de man een arbeidsovereenkomst had met de B.V. van de vrouw. Ondanks dat een schriftelijke arbeidsovereenkomst was opgesteld, loon werd betaald en loonstroken werden opgesteld, concludeert de kantonrechter op basis van de feitelijke verhouding dat van een arbeidsovereenkomst geen sprake was. De man had daarom ten opzichte van de B.V. geen recht op loon.

Uitspraak

Een man en een vrouw zijn sinds 2008 met elkaar gehuwd. In 2024 komt het tot een echtscheiding. In 2019 is tussen de man en de B.V. van de vrouw een arbeidsovereenkomst gesloten met een salaris van ruim € 6.500 bruto per maand. In november 2025 stopt de B.V. met de loonbetaling, stellend dat in feite geen sprake was van een arbeidsovereenkomst. De man vordert daarom in kort geding dat het loon alsnog wordt betaald. De B.V. vordert op haar beurt terugbetaling van het loon over de maanden juli 2025 tot en met oktober 2021.
Als de kantonrechter in kort geding over de zaak moet oordelen, gaat deze op basis van het toetsingskader dat door de Hoge Raad is ontwikkeld, beoordelen of sprake is van een arbeidsovereenkomst.
Als eerste onderzoekt de kantonrechter of sprake is van een verplichting tot het verrichten van arbeid. Vast staat dat de man werkzaamheden verrichtte. Hij deed allerlei klusjes. De kantonrechter kan echter niet vaststellen wat de omvang van de werkzaamheden was en of de man tot het verrichten van die werkzaamheden verplicht was, dan wel of hij dat deed op grond van de relatie met zijn echtgenote. De man had wel veel vrijheden, voor wat betreft de werktijden, het opnemen van vakantie en het (niet) ziekmelden. Er is wel een schriftelijke arbeidsovereenkomst maar die zou zijn opgesteld om een hypotheek te krijgen voor de aankoop van een woning. Op een mail van de controller van het bedrijf aan een derde, waarin staat dat de man niet werkte onder controle of toezicht van de vrouw, heeft de man nooit gereageerd ondanks dat hij daarvan wel een kopie had gekregen. In verband met dit alles is een verplichting tot het verrichten van arbeid volgens de kantonrechter niet komen vast te staan.
De kantonrechter is van mening dat ook onvoldoende is komen vast te staan dat sprake is van een verplichting tot loonbetaling. Weliswaar is sinds 2019 maandelijks loon betaald en zijn loonstroken verstrekt, maar niet gebleken is dat daarbij sprake is van een tegenprestatie voor verrichte arbeid. De controller van het bedrijf heeft ter zitting verklaard dat de hoogte van het loon is vastgesteld op fiscale gronden. De hoogte van het loon staat ook niet in verhouding tot de verrichte werkzaamheden. Verder werden er ook geen premies werknemersverzekeringen afgedragen.
Voor wat betreft de gezagsverhouding stelt de kantonrechter dat die binnen een huwelijk niet gebruikelijk is. Het is daarom aan de man om de gezagsverhouding te onderbouwen. Daarin is de man volgens de kantonrechter niet geslaagd. Weliswaar is de vrouw de man instructies gaan geven, maar dat is pas gebeurd nadat zij met elkaar gebrouilleerd waren geraakt. De kantonrechter acht van belang dat beide partijen zich als directeur-grootaandeelhouder gedroegen en dat beide geen premies werknemersverzekeringen afdroegen.
Omdat aldus geen sprake is van een arbeidsovereenkomst wordt de vordering van de man tot betaling van loon afgewezen. De tegenvordering van de B.V. tot terugbetaling van loon wordt eveneens afgewezen, omdat het voor een vordering in kort geding vereiste spoedeisend belang ontbreekt.

Commentaar

Dat een arbeidsovereenkomst tussen echtgenoten geen arbeidsovereenkomst in de zin van de wet is, als geen arbeid wordt verricht, is door de Hoge Raad in 2003 al eens bepaald. In dat geval was de arbeidsovereenkomst in het kader van een echtscheiding afgesproken als fiscaal vriendelijker alternatief voor het betalen van alimentatie aan de ex-echtgenote.
In deze zaak werden echter wel werkzaamheden verricht, maar stonden die werkzaamheden in een wanverhouding tot het salaris dat daarvoor betaald werd. Daarbij kwam de vrije invulling van de inhoud van de arbeidsovereenkomst. Bij elkaar was dat voor de kantonrechter genoeg om te concluderen dat niet werkelijk sprake was van een arbeidsovereenkomst.

b+p Belastingadviseurs maakt gebruik van functionele cookies die strikt noodzakelijk zijn voor de werking van de website en analytische cookies om inzicht te krijgen in de werking en effectiviteit van de website. De analytische cookies zijn volledig geanonimiseerd en wij plaatsen geen marketing cookies. Meer informatie over privacy.