Heeft u vragen? Wij zijn telefonisch bereikbaar op 030 262 45 94
Ons kantoor is open van ma t/m vrij tussen 08:00 en 17:00 uur
b+p Belastingadviseurs - 30/03/2013 - Juridisch

Inzetten van uitzendkrachten na ontslagvergunning wegens vervallen van arbeidsplaats

Juridisch

Het inzetten van uitzendkrachten ter vervanging van werknemers die met toestemming van het UWV waren ontslagen wegens het vervallen van hun arbeidsplaats, had tot gevolg dat de arbeidsovereenkomsten van die werknemers herleefden.
Bij een bedrijf dat zich bezighield met goederenvervoer en opslag waren 44 werknemers werkzaam. Wegens de slechte financiële situatie van het bedrijf werd voor 24 werknemers een ontslagvergunning aangevraagd, waaronder 23 internationale chauffeurs. Het UWV verleende de ontslagvergunning onder de gebruikelijke voorwaarde dat binnen 26 weken na de bekendmaking van de ontslagvergunning geen werknemers in dienst zouden worden genomen voor werkzaamheden van dezelfde aard, tenzij eerst de ontslagen werknemers in de gelegenheid zouden worden gesteld die werkzaamheden op de gebruikelijke voorwaarden te hervatten. In de ontslagvergunning werd verder uitdrukkelijk overwogen dat het de werkgever vrijstond werkzaamheden uit te besteden aan ZZP-ers die in het bezit zijn van een zogenaamde “VAR-wuo”-verklaring en die ingeschreven zijn bij de Kamer van Koophandel, omdat het dan gaat om het uitbesteden van werkzaamheden aan andere bedrijven, hetgeen volgens het UWV tot de beleidsvrijheid van een werkgever behoort. Het UWV overwoog eveneens dat het inschakelen van “schijn-ZZP-ers” in strijd is met de “wederindiensttredingvoorwaarde” die aan de ontslagvergunning was verbonden. De arbeidsovereenkomsten met de betreffende werknemers werden vervolgens opgezegd. Na de opzegging bleef de werkgever echter gebruikmaken van (Oost-Europese) uitzendkrachten, naar hij stelde omdat het vertrek van de chauffeurs sneller verliep dan voorspeld, omdat hij nog leaseverplichtingen had ter zake van 25 vrachtwagens die hij moest nakomen en omdat hij nog klanten had die bediend moesten worden. De werknemers riepen daarop de vernietigbaarheid van de opzegging van de arbeidsovereenkomst in.
Toen de werknemers bij de kantonrechter vervolgens loon en wedertewerkstelling vorderden wees de kantonrechter die vorderingen toe, omdat de werkgever in strijd had gehandeld met de wederindiensttredingsvoorwaarde, waardoor de opzegging van de arbeidsovereenkomst door de werknemers vernietigd kon worden. De door de werkgever aangevoerde omstandigheden deden daaraan volgens de kantonrechter niet af.

Dit bericht is afkomstig van Kantoor Mr. van Zijl advocaten, lees het volledige bericht.

b+p Belastingadviseurs maakt gebruik van functionele cookies die strikt noodzakelijk zijn voor de werking van de website en analytische cookies om inzicht te krijgen in de werking en effectiviteit van de website. De analytische cookies zijn volledig geanonimiseerd en wij plaatsen geen marketing cookies. Meer informatie over privacy.