Heeft u vragen? Wij zijn telefonisch bereikbaar op 030 262 45 94
Vacature Ons kantoor is nu open!
b+p Belastingadviseurs - 21/08/2015 - Juridisch

Ketenregeling voor bijzondere functies

Juridisch

Eerder schreven wij reeds dat de Minister van SZW bij ministeriële regeling de ketenregeling voor bepaalde functies in een bedrijfstak buiten toepassing kan verklaren. Inmiddels is bekend voor welke functies deze bevoegdheid geldt. 

Sinds 1 juli jl. geldt dat als meer dan drie arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd elkaar in maximaal twee jaar met tussenpozen van maximaal zes maanden hebben opgevolgd het laatste contract van rechtswege als een contract voor onbepaalde tijd zal gelden. Bij cao of bij een regeling door of namens een daartoe bevoegd bestuursorgaan kan deze ketenregeling voor bepaalde functies in een bedrijfstak die bij ministeriële regeling zijn aangewezen buiten toepassing worden verklaard indien het voor die functies in een bedrijfstak bestendig gebruik is om de arbeid uitsluitend te verrichten op grond van arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd, of het vanwege de intrinsieke aard van de bedrijfsvoering van die functies noodzakelijk is om de arbeid uitsluitend te verrichten op grond van arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd (anders dan uitzendovereenkomsten). 

Voor de functies die hieraan voldoen kunnen de partijen, die betrokken zijn bij de totstandkoming van een cao, bij de Minister van SZW een gezamenlijk schriftelijk verzoek indienen om de ketenregeling buiten toepassing te verklaren. 
In een ministeriële regeling, die op 30 juni jl. is gepubliceerd, is (tot nu toe) voor de volgende functies de mogelijkheid opgenomen de ketenregeling buiten toepassing te verklaren: 

  1. voetbalspeler die als contractspeler geregistreerd staat bij de sectie betaald voetbal van de KNVB voor deelname aan de herencompetities van de sectie betaald voetbal (de Nederlandse eredivisie en de eerste divisie); 
  2. (assistent-) trainer-coach (waaronder jeugdcoach), technisch directeur, technisch manager, hoofd scouting, coördinator scouting, hoofd jeugdopleidingen en specialisten trainer werkzaam in de herencompetitie van de bedrijfstak betaald voetbal van de KNVB; 
  3. bondstrainer en technisch directeur bij een nationale sportbond; 
  4. danser en acteur in de podiumkunstsectoren dans of theater; 
  5. de musicus die als remplaçant werkzaam is bij een orkest; 
  6. presentatoren bij RTL Nederland met een bruto jaarsalaris van € 100.000,- of meer (inclusief vakantiebijslag en omgerekend naar een fulltime dienstverband gebaseerd op 40 uur per week). 

Voor de functies 4 en 5 geldt dat er in die branche vaak projectmatig wordt gewerkt. Bij verschillende producties zijn bijvoorbeeld verschillende types dansers en acteurs nodig. Het is derhalve niet wenselijk dat een gezelschap voor onbepaalde tijd aan een bepaalde danser of acteur vast zou zitten. 

Voor de functies 1, 2, 3 en 6 is de voornaamste reden dat een contract voor onbepaalde tijd op ieder moment – met inachtneming van een maand opzegtermijn – door de werknemer kan worden opgezegd zonder dat daar enige financiële compensatie voor de werkgever tegenover staat. RTL zou bijvoorbeeld met een aanzienlijke schade achterblijven indien een presentator, die gezichtsbepalend is voor het programma, midden in opnames opeens de arbeidsovereenkomst opzegt. 
Evenmin is gewenst dat een voetballer op ieder moment kan opstappen en ‘gratis’ naar een andere club kan overstappen. De huidige systematiek van transfervergoedingen zou op deze manier in het gedrang komen. Nederlandse clubs zullen hoge bedragen dienen te betalen om spelers uit het buitenland over te nemen, terwijl de buitenlandse clubs voor niks spelers van de Nederlandse clubs kunnen overnemen indien de werknemer op ieder moment gratis kan opstappen. Bij een contract voor bepaalde tijd is tussentijdse opzegging in beginsel niet mogelijk indien deze mogelijkheid niet in het contract is opgenomen. 

Indien een werknemer toch tussentijds de arbeidsovereenkomst (laat ontbinden of) opzegt terwijl deze mogelijkheid niet in het contract staat, moet de werknemer een vergoeding betalen aan de werkgever. De hoogte daarvan is op grond van de wet een bedrag gelijk aan het salaris over de maanden dat het contract nog voort zou duren. Om dezelfde reden als hiervoor zou een dergelijke (relatief) lage vergoeding nadelig werken voor de Nederlandse concurrentiepositie van de KNVB-clubs in de internationale markt. Daarom is in de ministeriële regeling tevens bepaald dat de kantonrechter de vergoeding die een werknemer dient te betalen, als hij één van de functies onder de nummers 1 of 2 vervult en hij de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd tussentijds opzegt (of laat ontbinden) terwijl geen tussentijdse opzegmogelijkheid in de arbeidsovereenkomst is opgenomen, op een hoger bedrag kan stellen.

Bron: Wieringa Advocaten

Auteur: Jolien Kraaijvanger

b+p Belastingadviseurs maakt gebruik van functionele cookies die strikt noodzakelijk zijn voor de werking van de website en analytische cookies om inzicht te krijgen in de werking en effectiviteit van de website. De analytische cookies zijn volledig geanonimiseerd en wij plaatsen geen marketing cookies. Meer informatie over privacy.