Heeft u vragen? Wij zijn telefonisch bereikbaar op 030 262 45 94
Vacature Ons kantoor is open van ma t/m vrij tussen 08:00 t/m 17:00
b+p Belastingadviseurs - 12/06/2021 - Juridisch

Wat is de hoogte van de transitievergoeding als een arbeidsovereenkomst wordt beëindigd nadat de arbeidsduur eerder gedwongen structureel en substantieel is verminderd?

Juridisch

Een werkgever moest aan een werknemer waarvan de arbeidsovereenkomst was opgezegd wegens langdurige arbeidsongeschiktheid de transitievergoeding betalen op basis van het volledige loon van de werknemer, ondanks dat de arbeidsduur (en daarmee het loon) in het verleden structureel en substantieel was verminderd.

Bij een werkgever was sinds 1977 een werknemer in dienst die 36 uur per week werkte. Op 15 mei 2015 had de werknemer zich ziek gemeld. Per 15 mei 2017 had het UWV een WGA-uitkering aan de werknemer toegekend wegens gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid. De werknemer had op dat moment zijn werk hervat voor 12 uur per week. De werkgever bevestigt vervolgens in een e-mailbericht een afspraak over een herziening van de arbeidsovereenkomst, aldus dat het aantal te werken uren per week nog slechts 12 zou bedragen. Op 13 juli 2018 meldt de werknemer zich voor die 12 uur per week ziek wegens een verslechterde gezondheidstoestand. De werknemer probeert nog wel zijn werk te hervatten, maar als gevolg van nieuwe medische problematiek wordt uiteindelijk aan hem met terugwerkende kracht tot 13 juli 2018 (vervroegd) een IVA-uitkering toegekend omdat de werknemer volledig arbeidsongeschikt is en geen kans op herstel meer heeft.

Nadat de arbeidsongeschiktheid 104 weken heeft geduurd, zegt de werkgever de arbeidsovereenkomst op, met toestemming van het UWV en met inachtneming van de wettelijke opzegtermijn. Vervolgens betaalt de werkgever aan de werknemer de transitievergoeding gebaseerd op het loon gedurende 12 uur per week. De erfgenamen van de inmiddels overleden werknemer zijn het daarmee niet eens. Zij zijn van mening dat de transitievergoeding moet worden betaald over het loon gedurende 36 uur per week. Zij verzoeken de kantonrechter om ook het restant van de transitievergoeding te betalen. Volgens de erfgenamen is geen sprake geweest van een vermindering van de arbeidsduur omdat de werknemer niet ingestemd heeft met een wijziging van de arbeidsovereenkomst.

De kantonrechter is van mening dat de erfgenamen tijdig om betaling van het restant van de transitievergoeding hebben verzocht, omdat het verzoekschrift door de kantonrechter is ontvangen binnen drie maanden na het eindigen van de arbeidsovereenkomst. Uit het feit dat de Hoge Raad in 2018 heeft geoordeeld dat bij een door omstandigheden gedwongen substantiële en structurele vermindering van de arbeidstijd een evenredig deel van de transitievergoeding verschuldigd is, leidt de kantonrechter af dat de erfgenamen van de werknemer recht hebben op een transitievergoeding, berekend op basis van het loon gedurende 36 uur per week. De vordering van de erfgenamen wordt dan ook toegewezen.

b+p Belastingadviseurs maakt gebruik van functionele cookies die strikt noodzakelijk zijn voor de werking van de website en analytische cookies om inzicht te krijgen in de werking en effectiviteit van de website. De analytische cookies zijn volledig geanonimiseerd en wij plaatsen geen marketing cookies. Meer informatie over privacy.